Mijn vrouw is al misselijk als we met de kabelbaan naar de grot afdalen. Er hangt een vochtige hitte. De grot haalt ze niet meer, de wc nog net. Korte tijd later kan ze niet meer lopen. Alle verschijnselen van een zonnesteek. Het wachthuisje van de kabelbaan heeft een ventilator. Daar wordt ze half bewusteloos op de grond gelegd. Een soldaat belt een ambulance. Die moet door een nauwe rotstunnel heenrijden om mijn vrouw op te halen. De ambulance heeft geen ruimte om te keren. De chauffeur rijdt zonder aarzeling achteruit de 100 meter lange tunnel weer in. Links en rechts langs de rotsen schrapend. Ik zit naast de Arabische bestuurder. “No problem” zegt hij als de buitenspiegel afbreekt. Mijn vrouw kreunt achterin.