Het is vol in zijn hoofd. Er gebeurt zo veel om hem heen.
Alle indrukken uit de buitenwereld komen direct binnen. Ze vechten een harde strijd om voorrang op de snelweg. Hij flitst van de ene prikkel naar de volgende. Het houdt niet op. Hij wou dat hij een beschermend pak had om aan te trekken. Waarmee hij even uit de razende drukte kon ontsnappen. Als de astronaut van het computerspelletje dat hij zo graag speelt. Urenlang. Op zijn eigen vaste plekje op de bank in de huiskamer.